Dach & Wand montieren

Dak- en Wandplaten monteren

Inleiding


Deze pagina bevat algemene informatie om de Nautracom ® Dak- en Wandplaten te kunnen monteren. Lees de instructies zorgvuldig door alvorens met de montage te beginnen.

Behandeling van de platen
Onder normale omstandigheden kunnen de Nautracom platen een maand in de fabrieksverpakking opgeslagen blijven. Wanneer de platen onder slechte omstandigheden, regen of vorst of (felle) zon, of langer dan een maand worden bewaard, moet het pakket worden geopend. De platen moeten dan afzonderlijk met latten ertussen op elkaar neer gelegd worden, zodat er ventilatie mogelijk is tussen de platen. Eventueel aanwezige beschermfolie op platen/zetwerk/accessoires moet verwijderd worden. De lijmlaag is anders zeer moeilijk verwijderbaar en/of kan de topcoating beschadigen.

Werken met de platen
Nautracom platen worden op lengtemaat geknipt aangeleverd. In sommige gevallen (doorvoeren of hoeken) moet er later nog in de platen geknipt worden op het dak. Als de platen geknipt moeten worden dient men altijd gebruik te maken van een knabbelschaar of een speciaal metaal zaagblad.

Knabbelschaar voor dakpanplaten Knabbelschaar voor dakpanplaten

Nooit de platen doorslijpen met een gewone slijpschijf, decoupeerzaag of haakse slijper, omdat dit de top coating van de plaat beschadigd.

Cirkelzaag voor dakpanplaten Cirkelzaag voor dakpanplaten

Schoonmaken
Scherfjes en stof van het zagen en boren moeten van de plaat worden verwijderd, omdat deze deeltjes de oppervlakte coating van de plaat kunnen beschadigen. Vuil dat zich na verloop van tijd op de platen bevindt kan gewoon met water worden afgespoten. Ook het gebruik van normale zeep- en schoonmaakmiddelen is mogelijk. Sommige agressieve schoonmaakmiddelen kunnen de top coating beschadigen. Bij twijfel kunt u altijd bij ons advies vragen.

Verf
Tijdens het monteren kunnen er krassen op de plaat komen. Om de beschadigingen weer in dezelfde kleur te krijgen is het mogelijk om bij Nautracom verfpotjes te bestellen, waarmee kleine beschadigingen kunnen worden verholpen.

Maatvoering
Nautracom platen wordt op de bestelde lengtemaat aangeleverd. Het aantal platen dat nodig is voor een dak kan men berekenen door de breedte van het dak te delen door de werkende breedte van de plaat.

Bijvoorbeeld: breedte dak = 15 meter. Nautracom ® TRP 40-100 dakplaten: werkende breedte 900 mm.
Let op! De werkende breedte van de modellen is verschillend!

Dat wil zeggen dat er voor die dakhelft 17 platen van een bepaalde lengte nodig zijn.

Wanneer een dak gemeten wordt, kan men het beste de maten uittekenen op grafisch papier, om zo de berekening eenvoudiger te laten verlopen. Als het niet mogelijk is om de platen uit één stuk te maken, bijvoorbeeld omdat de lengte 14 meter is, dan is het noodzakelijk om de platen in twee lengtes te bestellen. Denk hierbij, zeker bij een lage hellingshoek, aan voldoende overlap, opdat er geen water onder de plaat kan opstuwen.

Ventilatie
Warmte en vocht stijgen altijd vanuit de onderliggende ruimtes naar het dak. Dit vocht kan daar onder het dak condenseren. Condensatie kan men voorkomen door er voor te zorgen dat de temperatuur onder het dak dezelfde is als de buitentemperatuur. Dit kan men bereiken door zorgvuldige isolatie, het monteren van een vochtwerende barrière en goede ventilatie. De ruimte om te ventileren moet zo geconstrueerd worden dat de lucht onbelemmerd kan stromen van de goot tot de nok. Ventilatie openingen moeten zich op het hoogste punt van het dak bevinden.

Warm dak
Wanneer de isolatie óp het dak wordt gemonteerd moet er een ventilatie opening van minimaal 50 mm worden open gelaten tussen de onderfolie en de isolatie. Dit type dak moet verhoogd worden met 50 mm beneden de panlatten om ventilatie te verkrijgen onder de onderleggers. Een aparte laag van onderfolie moet op de latten geplaatst worden om in lekken van condens te voorkomen. Het is aan te bevelen voor de onderfolie microperforatie materiaal te gebruiken. Deze folie laat waterdamp door en helpt het onder controle krijgen van condensatie.

Installatie instructies

Onderfolie
Inleiding: Vocht kan de oorzaak zijn van zeer hardnekkige en vaak erg kostbare of nauwelijks op te lossen problemen in gebouwen. Indien het vocht in staat is om in de constructie door te dringen, kan schimmelvorming of zelfs rot ontstaan. Een dak moet daarom zodanig ontworpen en uitgevoerd te worden dat indringend vocht zoveel mogelijk wordt voorkomen. Indien onverhoopt toch vocht in de constructie aanwezig is, moet dit zonder schadelijke gevolgen kunnen ontsnappen.

Dampfolie

Vocht kan op twee manieren de constructie binnendringen: vanuit de binnenzijde en vanaf de buitenzijde.

Vocht vanaf de buitenzijde van het gebouw: Weersinvloeden, zoals regen en sneeuw, zijn in staat om door de buitenste schil van het gebouw in de constructie binnen te dringen. Dit is met name het geval tijdens de zogenaamde open bouwfase of bij beschadiging aan dak- en gevelbekleding. Ook tijdens het normale gebruik van het gebouw is een goede bescherming noodzakelijk. Met behulp van waterwerende folies kan een extra zekerheid worden ingebouwd.
Om inwendige condensatie te voorkomen, dienen deze waterkerende folies tevens dampdoorlatend te zijn. Dampdoorlatende folie wordt vaak gebruikt in combinatie met een dampremmende folie. In de praktijk wordt de dampremmende folie op vele plaatsen doorbroken, bijvoorbeeld bij (dak)ramen, dakdoorvoeren en elektriciteitsaansluitingen. Hierdoor ontstaan luchtlekken en zal er, ondanks de aanwezigheid van de dampremmende folie, toch vochtige lucht in de constructie kunnen binnendringen. Wanneer deze relatief warme vochtige lucht in de constructie afkoelt, vormt zich condens. Indien deze condens niet uit de constructie kan verdwijnen, ontstaat er schade door schimmelvorming en houtrot. Om vocht naar de buitenlucht te kunnen afvoeren, wordt de buitenzijde van de binnenste dak- of gevelconstructie voorzien van een dampdoorlatende folie.

Vocht vanuit de binnenzijde van het gebouw: In een gebouw wordt veel vocht geproduceerd. Bijvoorbeeld een woning. Een mens produceert gemiddeld 2,2 liter vocht per dag (door douchen, koken, transpireren, enz.) dat als waterdamp in de woning terechtkomt. Deze waterdamp zal een uitweg zoeken naar de koudere lucht met een lagere luchtvochtigheid (dampdiffusie). Om te voorkomen dat de warme, vochtige lucht in de constructie dringt, dienen met name daken en gevels aan de binnenzijde voorzien te zijn van een dampremmende folie. Deze folie dient te worden toegepast in combinatie met een goede luchtdichting. Het in het gebouw aanwezige vocht zal de ruimte dan via natuurlijke of mechanische ventilatie verlaten.

Wij adviseren het gebruik van onderfolie als er reden is om aan te nemen dat er onvoldoende ventilatie mogelijk is in de ruimte onder het dak. De onderfolie is bedoeld om de vorming van condens tegen te gaan en om te verhinderen dat vocht binnendringt in de dakisolatie. Start met bevestigen van de folie onderaan het dak ter hoogte van de goot in aan de nok evenwijdige banen. De onderfolie wordt met tussenruimtes van 200 mm vastgezet op het latwerk.

Aan het einde moet de onderfolie naar beneden gevouwen worden en vastgemaakt aan de dakrand. Een scherp mes is voldoende om de onderfolie te snijden. Vouwen kan vergemakkelijkt worden met een rechte lat.

Onderfolie

Onderfolie

Onderfolie



Montage
ZEER BELANGRIJK:
Let bij het monteren altijd op de overlap. Dat is het meest belangrijke om water indringen onder het dak of bij de wand tegen te gaan. Een zorgvuldig en goed gemonteerde overlap voorkomt dit soort problemen en zorgt er ook voor dat naderhand geen dure herstel werkzaamheden nodig zijn.

Overlap

De installatie van de eerste plaat is erg belangrijk voor het uiteindelijke resultaat van het totaal. Een gemaakte fout in de eerste plaat vermenigvuldigt zich door in het verdere dak en zal geen mooi eindresultaat opleveren. Het is daarom aan te bevelen de eerste plaat zeer zorgvuldig uit te lijnen. De meeste simpele manier is het bevestigen van een plank aan de onderkant van het dak op bijvoorbeeld 40 mm afstand, om van daaruit het dak uit te richten. Hierdoor is de dakrand altijd recht en treedt er aan de onderkant geen zaagtand effect op. Het dakvlak is namelijk niet altijd rechthoekig en een afwijking is altijd mogelijk, zeker bij oudere daken.

Hellingshoek
Omdat de Nautracom dakplaten in lange lengtes verkrijgbaar zijn vanaf de fabriek (meestal geen lengte overlap nodig) is het mogelijk om de platen al te monteren op een dakhelling van minimaal 8° zonder dat de zijkanten afgedicht hoeven te worden met een of andere kit.

Schroeven
Schroeven moeten onder een rechte hoek in de platen gemonteerd worden. Het gebruik van een normale boormachine en een schroefboorhouder is genoeg. De schroeven die bij Nautracom gebruikt worden zijn zelftappende schroeven 4,8*28 (geen standaard product) of 4,8*35 met een EPDM sluitingsring, geleverd in dezelfde kleur gespoten als de beplating.

LET OP: bij ALUMINIUM dak(pan) of wandplaten UITSLUITEND RoestVastStaal/Bi-Metaal schroeven gebruiken! NOOIT gegalvaniseerde / verzinkte schroeven gebruiken!

Hoe vast moeten de schroeven van de dakpanplaten worden aangetrokken?

De schroeven worden bevestigd in het dal van de platen vlak onder de horizontale lijn van de dakpanpersing. Bij een overlap kunnen dezelfde schroeven gebruikt worden. Het aantal schroeven voor een goede montage bedraagt ongeveer 10 à 11 per vierkante meter. Hierdoor is de kans op geluidsproblemen of losgewaaide platen door onvoldoende schroeven tot een minimum beperkt. Bovendien is met deze hoeveelheid rekening gehouden met de montage van de hulpstukken.

Dakdoorvoeren
De dakdoorvoeren (hulpstukken dakdoorvoer) worden gemaakt van versterkt kunststof en geprofileerd in de benodigde vorm, wat de installatie vergemakkelijkt. Voor het monteren van deze doorvoeren verwijzen wij naar de bijgeleverde montage instructies die in de verpakking van de hulpstukken zitten. Nautracom kan ook vlakke platen in dezelfde coating leveren als de dakplaten om dakdoorvoeren van andere leveranciers te kunnen bedekken. Let er bij het monteren op dat de doorvoeren waterdicht gemaakt worden.

Nokstuk
De nokstukken zijn er in 3 vormen: halfrond, vlak en de vlakke met bovenstukje nok. Het monteren van de nokstukken gebeurt pas nadat alle dakplaten zijn gemonteerd. De nokstukken worden vastgezet met de hiervoor beschreven schroeven die ook door de onderliggende dakplaat geboord worden. Voor het vastschroeven is het mogelijk om onder de nok nog profielvullers te bevestigen. Deze worden meestal met kleine spijkers vastgezet. Bij de halfronde nok is het mogelijk om een eindkap te bestellen. Deze wordt met popnagels of schroeven aan de nok bevestigd.

Windveer
De windveer wordt op de zijkant van het dak gemonteerd. Wanneer de zijkant goed is gemonteerd, valt de windveer recht op de bovenkant van de dakplaat.

Profielvullers en zijdelingse afdichting
Bij de Nautracom dakplaat kunt u ook bijbehorende schuim profielvullers bestellen, zowel voor boven als onder. Bij een normaal dak met een helling vanaf 8° is het niet noodzakelijk om met een afdichting te werken. Mocht er reden bestaan om toch met een zijdelingse afdichting te werken, dan is dat mogelijk met een siliconen afdichting. Deze zal de coating niet aantasten.

Accessoires

Nokstuk Halfrond
Nokstuk halfrond, eindkap.
Lengte Nokstuk: 2000 mm. Werkend 1800 mm.
Leverbaar in dezelfde kleuren als de dakpanplaat.

Windveer afbeelding
Kan voor alle modellen dak(pan)plaat gebruikt worden.
Lengte Windveer: 2000 of 3000 mm.
Leverbaar in dezelfde kleuren als de dakpanplaat.

Gevelstuk afbeelding
Kan voor alle modellen dak(pan)plaat gebruikt worden.
Lengte Gevelstuk: 2000 of 3000 mm.
Leverbaar in dezelfde kleuren als de dakpanplaat.

Pijp doorvoer afbeelding
Gemaakt van versterkt kunststof. Profiel en breedte zijn afhankelijk van de type dak(pan)plaat. Er zijn ook aparte doorvoeren voor antennes verkrijgbaar.

Vlakke plaat
Voor het zelf maken van diverse hulpstukken zijn ook vlakke platen leverbaar, die van hetzelfde materiaal en kleur zijn gemaakt als de dakpanplaat.
Standaardmaten: 2000 x 1250 mm of 3000 x 1250 mm.

Bijwerkverf
Om het bijwerken van kleine beschadigingen in de dakplaat mogelijk te maken, bestaat er de mogelijkheid om potjes verf in dezelfde kleur als de plaat bij te bestellen.

Verzinkte Schroeven: 4,8*35 (standaard) of 4,8*28 (niet standaard product)
Deze schroeven mag u NOOIT met aluminium dakplaten en wandplaten gebruiken. De verzinkte schroeven veroorzaken dan gaten in uw aluminium door contact erosie tussen het onedele staal en het edelmetaal aluminium

RoestVastStaal/Bi-Metaal Schroeven: 4,8*35 of 4,8*28
Zelftappende schroeven met name voor gebruik met ALUMINIUM dakpanplaten, nokstukken en hulpstukken.
De kop is in dezelfde kleur als de bestelde profielen.

Schroef